Bos van der Burg Advocaten Zoetermeer

Cessieverbod in algemene voorwaarden: goederenrechtelijke of verbintenisrechtelijke werking?

11 april 2014

Op 21 maart 2014 heeft de Hoge Raad in de zaak Coface Finanz/Intergamma een belangrijk arrest gewezen over de overdraagbaarheid van vorderingen en de contractuele cessie- en verpandingsverboden. In de Algemene Inkoopvoorwaarden van Intergamma was een beding opgenomen dat stelde dat verkoper zijn ‘rechten en verplichtingen op koper niet aan derden zal overdragen’. De vorderingen zijn vervolgens – in strijd met deze inkoopvoorwaarden - door verkoper aan een derde overgedragen (gecedeerd). 

Contractspartijen kunnen in beginsel de overdracht van vorderingen uitsluiten op grond van artikel 3:83 lid 2. Dit artikel stelt: ‘De overdraagbaarheid van vorderingsrechten kan ook door een beding tussen schuldeiser en schuldenaar worden uitgesloten’.

De vraag in deze zaak is of dit beding tussen twee partijen ‘verbintenisrechtelijke’ of ‘goederenrechtelijke’ werking heeft. Indien er sprake is van verbintenisrechtelijke werking, dan kan de vordering wel verpand of vervreemd worden, maar de schuldeiser pleegt dan wanprestatie tegenover zijn contractspartner. Wanneer sprake is van goederenrechtelijke werking, dan kán de vordering simpelweg niet verpand of vervreemd worden. De vordering is door het beding onoverdraagbaar gemaakt.

Het Hof overweegt dat een cessie- of verpandingsverbod in principe goederenrechtelijke werking heeft.

‘In een geval als het onderhavige, waarin het beding is opgenomen in algemene voorwaarden, die naar hun aard zijn bestemd om in meer overeenkomsten te worden gebruikt, komt bij de uitleg daarvan grote betekenis toe aan de bewoordingen waarin het beding is gesteld (rov. 4.10).
Zoals volgt uit het arrest HR 17 januari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF0168, NJ 2004/281 ([A]/[B]), moet een contractueel verbod tot overdracht of verpanding, bij gebreke van aanwijzingen voor het tegendeel, zo worden uitgelegd dat daarmee niet slechts verbintenisrechtelijke werking, maar ook goederenrechtelijke werking is beoogd (rov. 4.12).’

De Hoge Raad komt tot een ander oordeel. Anders dan het Hof (en eerdere lagere rechtspraak) overweegt, stelt de Hoge Raad dat een cessie- of verpandingsverbod alleen goederenrechtelijke werking heeft indien dit expliciet is bepaald.

De Hoge Raad overweegt:
3.4.2. Een beding als het onderhavige, dat naar zijn aard mede is bestemd om de rechtspositie te beïnvloeden van derden die de bedoeling van de contracterende partijen niet kennen, en dat ertoe strekt hun rechtspositie op uniforme wijze te regelen, dient te worden uitgelegd naar objectieve maatstaven, met inachtneming van de Haviltexmaatstaf (zie HR 20 februari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO1427, NJ 2005/493). Als uitgangspunt bij de uitleg van bedingen die de overdraagbaarheid van een vorderingsrecht uitsluiten, moet worden aangenomen dat zij uitsluitend verbintenisrechtelijke werking hebben, tenzij uit de - naar objectieve maatstaven uit te leggen - formulering daarvan blijkt dat daarmee goederenrechtelijke werking als bedoeld in art. 3:83 lid 2 BW is beoogd. Het hof heeft dit miskend.

Kort gezegd oordeelt de Hoge Raad dat als uitgangspunt geldt dat een cessie- of verpandingsverbod slechts verbintenisrechtelijke werking heeft, tenzij expliciet anders is bepaald. 

Een goed moment om de algemene (inkoop)voorwaarden van uw eigen bedrijf en uw contractspartijen nogmaals goed te bestuderen. In sommige gevallen kan het raadzaam zijn expliciet overeen te komen dat het cessie- of verpandingsverbod goederenrechtelijke werking heeft. BOS VAN DER BURG kan u hierover adviseren.

Lees hier de uitspraak

Bos van der Burg Advocaten is een full-service advocatenkantoor, gevestigd in Zoetermeer. Wij bedienen het bedrijfsleven: van midden- en kleinbedrijf tot beursgenoteerde fondsen. Daarnaast adviseren wij ook particulieren en overheden.

De aanpak van onze advocaten kenmerkt zich door onze snelheid van handelen, korte lijnen en hoogwaardige kwaliteit, tegen een vooraf duidelijk én concurrerend tarief. Zo weet u waar u aan toe bent.

Bos van der Burg is samenwerkend partner van TLN en FME en lid van het internationale (advocaten)netwerk Pragma International.

Gepubliceerd door

Leonie Bettonvil

Advocaat